Recente cijfers laten zien dat van de 210 sociale huurwoningen die in 2022 beschikbaar kwamen in Twenterand, minder dan tien toegewezen werden aan statushouders. Dit onthullende inzicht komt voort uit gegevens van zowel het Centraal Bureau voor de Statistiek als onderzoeksbureau ABF.
De huisvesting van statushouders blijft een centraal politiek onderwerp, waarbij het kabinet tegenstrijdige signalen afgeeft. Minister Faber van Asielzaken ondersteunt gemeenten financieel voor het huisvesten van statushouders, met het punt dat de 'sobere doorstroomlocaties' nog niet operationeel zijn.
Daarentegen heeft minister Keijzer van Volkshuisvesting onlangs een wetsvoorstel ingediend om gemeenten te verbieden voorrang te geven aan statushouders bij de toewijzing van sociale huurwoningen. Dit voorstel heeft tot verdeeldheid geleid, waarbij zowel gemeenten als woningcorporaties hun bedenkingen hebben geuit.
De praktijk wijst uit dat veel gemeenten de voorrang van statushouders niet formeel vastleggen, maar eerder afspraken maken met woningcorporaties over een bepaald percentage van beschikbare sociale huurwoningen.
In Twenterand en omliggende regio's werden afgelopen jaar minder statushouders gehuisvest dan initieel beoogd door het ministerie, wat resulteerde in stagnatie binnen de huisvestingsketen. De gemeente van Twenterand worstelt met het vinden van geschikte onderkomens voor de vereiste aantallen statushouders voor dit jaar.
Terwijl het debat over huisvesting van statushouders voortduurt, blijft de praktische uitvoering een uitdaging op lokaal niveau. Met de stijgende druk op de woningmarkt en de opvangcentra, is het essentieel dat gemeenten en betrokken partijen effectieve en duurzame oplossingen vinden voor dit maatschappelijk vraagstuk.